Offline beschermen we jongeren. Online laten we ze los.
Offline beschermen we jongeren. Online laten we ze los. “De timer ging niet af.” Het is een zin die ik de laatste tijd opvallend vaak hoor bij ons thuis. Mijn zoon is twaalf. En een groot deel van onze aanvaringen gaat over schermgebruik. Over timers die wel of niet gezet zijn. Over: “Mag ik nog even dit afmaken?” of “Iedereen in mijn klas mag langer!” En soms komt er een argument waar ik eerlijk gezegd niet zo veel tegenin kan brengen: “Maar jullie zitten zelf toch ook de hele tijd op je telefoon?” Zoals in veel gezinnen gaan deze discussies zelden echt over minuten. Ze gaan over regels, autonomie en eerlijkheid. En, pijnlijk genoeg, ook over voorbeeldgedrag. Als ouder merk ik hoe ingewikkeld het is om hier een balans in te vinden. Wanneer begrens je? Wanneer laat je los? En wanneer wordt schermgebruik eigenlijk zorgelijk? In mijn werk in de ggz kom ik dezelfde vragen tegen. Ouders die zich zorgen maken. Professionals die twijfelen wanneer ze het onderwerp moeten aansnijden. En jongeren die vaak al een oordeel verwachten zodra de woorden ‘gamen’ of ‘sociale media’ vallen. Sociaal psycholoog Jonathan Haidt beschrijft een interessante paradox. In de offline wereld beschermen we jongeren steeds meer. Ze spelen minder buiten, hun leefwereld wordt kleiner en volwassenen houden meer toezicht. Maar in de online wereld, waar jongeren een groot deel van hun sociale leven doorbrengen, is er vaak juist nauwelijks begeleiding of begrenzing. Daar gebeuren dingen die volwassenen vaak niet zien: groepsdruk, uitsluiting, ruzies, statusstrijd, grensoverschrijdend gedrag. En juist de gevolgen daarvan zien we terug in de spreekkamer. Vorig jaar verscheen in Nederland een richtlijn over gezond schermgebruik bij kinderen en jongeren. Een poging om wat nuance te brengen in een discussie die vaak blijft steken in één vraag: hoeveel schermtijd is te veel? Maar schermgebruik gaat zelden alleen over tijd. Het gaat over slaap. Over sociale druk. Over verveling, stress of ontsnappen. En soms begint het gewoon met een timer die zogenaamd niet is afgegaan. Kort gezegd: offline beschermen we jongeren steeds meer. Online laten we ze vaak aan hun lot over. Misschien is het tijd dat we daar wat vaker het gesprek over voeren.Voor wie daar in het werk meer handvatten in zoekt, is er de cursus De schaduwzijde van sociale media, waarin dit soort vragen en dilemma’s verder worden uitgediept.
Offline beschermen we jongeren. Online laten we ze los.
“De timer ging niet af.”
Het is een zin die ik de laatste tijd opvallend vaak hoor bij ons thuis.
Mijn zoon is twaalf. En een groot deel van onze aanvaringen gaat over schermgebruik. Over timers die wel of niet gezet zijn. Over: “Mag ik nog even dit afmaken?” of “Iedereen in mijn klas mag langer!”
En soms komt er een argument waar ik eerlijk gezegd niet zo veel tegenin kan brengen: “Maar jullie zitten zelf toch ook de hele tijd op je telefoon?”
Zoals in veel gezinnen gaan deze discussies zelden echt over minuten. Ze gaan over regels, autonomie en eerlijkheid. En, pijnlijk genoeg, ook over voorbeeldgedrag.
Als ouder merk ik hoe ingewikkeld het is om hier een balans in te vinden. Wanneer begrens je? Wanneer laat je los? En wanneer wordt schermgebruik eigenlijk zorgelijk?
In mijn werk in de ggz kom ik dezelfde vragen tegen. Ouders die zich zorgen maken. Professionals die twijfelen wanneer ze het onderwerp moeten aansnijden. En jongeren die vaak al een oordeel verwachten zodra de woorden ‘gamen’ of ‘sociale media’ vallen.
Sociaal psycholoog Jonathan Haidt beschrijft een interessante paradox. In de offline wereld beschermen we jongeren steeds meer. Ze spelen minder buiten, hun leefwereld wordt kleiner en volwassenen houden meer toezicht. Maar in de online wereld, waar jongeren een groot deel van hun sociale leven doorbrengen, is er vaak juist nauwelijks begeleiding of begrenzing. Daar gebeuren dingen die volwassenen vaak niet zien: groepsdruk, uitsluiting, ruzies, statusstrijd, grensoverschrijdend gedrag. En juist de gevolgen daarvan zien we terug in de spreekkamer.
Vorig jaar verscheen in Nederland een richtlijn over gezond schermgebruik bij kinderen en jongeren. Een poging om wat nuance te brengen in een discussie die vaak blijft steken in één vraag: hoeveel schermtijd is te veel?
Maar schermgebruik gaat zelden alleen over tijd.
Het gaat over slaap. Over sociale druk. Over verveling, stress of ontsnappen.
En soms begint het gewoon met een timer die zogenaamd niet is afgegaan.
Kort gezegd: offline beschermen we jongeren steeds meer. Online laten we ze vaak aan hun lot over.
Misschien is het tijd dat we daar wat vaker het gesprek over voeren.
Voor wie daar in het werk meer handvatten in zoekt, is er de cursus De schaduwzijde van sociale media, waarin dit soort vragen en dilemma’s verder worden uitgediept.
Schrijf je in voor de nieuwsbrief
Ontvang maandelijks updates over ons cursusaanbod. Je kunt je op elk gewenst moment weer uitschrijven.

