Basis- en vervolgcursus Schematherapie

Niels van de Ven

Schematherapie is een gespecialiseerde vorm van cognitieve therapie waarin methoden en technieken uit interpersoonlijke-, experiëntiële- en psychodynamische therapie geïntegreerd zijn. Deze cursus schematherapie bestaat uit een basis- en een vervolgdeel. 

Let op: Er zijn toelatingseisen voor deze opleiding, zie de informatie onder het kopje doelgroep. Mocht je vragen hebben, of twijfelen of je voldoet aan te toelatingseisen, neem dan voordat je je inschrijft, contact met ons op.

Inhoud
Deze cursus richt zich op het behandelen van mensen die vastzitten in hardnekkige patronen, zoals bij persoonlijkheidsproblematiek, en ook bij andere terugkerende klachten zoals bijvoorbeeld depressieve klachten of angstklachten. De cursus bestaat uit een basis- en een vervolgdeel. Na de eerste 4 bijeenkomsten is de basiscursus afgerond. Er is voor gekozen om het vervolgdeel later in het jaar te plannen, zodat er in de tussentijd ruimschoots geoefend kan worden met de materie waardoor er een stevige basis gelegd kan worden om na de zomervakantie met de vervolgdeel te starten. 

Het uitgangspunt bij schematherapie is dat bepaalde (vroege) leerervaringen in samenhang met specifiek temperament hebben geleid tot het ontstaan van disfunctionele schema’s (valkuilen) en modi, die belangrijk zijn bij het ontwikkelen van persoonlijkheidsstoornissen en hardnekkige stemmings- en angststoornissen. 

Stagnaties in de ontwikkeling ontstaan als er niet voldoende voldaan wordt aan de basisbehoeften van een kind. Hierdoor ontwikkelt iemand copingstrategieën die op de lange termijn belemmerend zijn en de cliënt onvoldoende emotioneel goed voor zichzelf kan zorgen. Om hier verandering in aan te brengen neemt de behandelaar de houding aan van een ouder die (binnen de grenzen van de therapie) zorg draagt voor de cliënt en zo de cliënt leert om voor zichzelf te gaan zorgen. Dit wordt limited reparenting genoemd. Naast de manier waarop de relatie gehanteerd wordt, worden er verschillende technieken toegepast. De ervaringsgerichte technieken, zoals de meerstoelentechniek en imaginaties (met rescripting) worden veelvuldig toegepast. Het modusmodel heeft naast het schemamodel een centrale plaats gekregen in schematherapie.

Doelstelling
Na afloop van deze cursus:

  • heb je inzicht in de schematheorie: de theorie over basisbehoeften, wat schema’s, copingstrategieën en modi zijn, hoe deze ontstaan en zich verder ontwikkelen en bestendigen; 
  • kun je een schemacasusconceptualisatie, een modusmodel en een behandelplan opstellen;
  • ben je in staat de werkrelatie met een cliënt met persoonlijkheidsproblematiek te hanteren volgens de principes van limited reparenting en limit setting
  • kun je vanuit het modusmodel interventies toepassen bij destructieve gedragingen/ ongezonde gewoontes, zoals bijvoorbeeld auto-mutilatie of impulscontroleproblemen;
  • heb je geoefend met de verschillende behandeltechnieken, zoals cognitieve technieken, experiëntiële technieken en gedragsexperimenten individueel en in de groep;
  • heb je zicht op je eigen schema’s en coping en heb je een idee gevormd over wat het effect hiervan kan zijn in de samenwerking met een cliënt met persoonlijkheidsproblematiek; 
  • heb je een idee hoe schematherapie binnen diverse settingen, ambulant en (dag-)klinisch, toegepast kan worden;
  • ben je in staat om de indicatie voor schematherapie te stellen en de behandeling onder supervisie uit te voeren bij cliënten in verschillende levensfasen met diverse problematiek, zoals persoonlijkheidsproblematiek en hardnekkige as-I problematiek volgens de DSM.

Werkwijze
De cursist bestudeert voorafgaand aan de bijeenkomst de opgegeven literatuur. De docent geeft uitleg over de verschillende behandelprincipes en technieken, en demonstreert deze aan de hand van videomateriaal of life rollenspel. Er is veel tijd ingeruimd voor het oefenen met de schematherapie technieken, deels in kleine subgroepen en deels plenair. Aan het begin van de cursus zullen intervisiegroepjes samengesteld worden om tussentijds ervaringen uit te wisselen, opdrachten uit te werken en elkaar tot steun te zijn bij het opstarten van schematherapie in de eigen praktijk. Samen met deze mede-cursisten wordt gewerkt aan het opstellen van de casusconceptualisatie en het behandelplan.

Om zicht te krijgen op de eigen ‘valkuilen’ wordt de schemavragenlijst en de modi-vragenlijst voorafgaand aan de eerste bijeenkomst ingevuld. De resultaten worden besproken in kleine subgroepen tijdens de eerste bijeenkomst. De tijdsinvestering per bijeenkomst is circa 12 uur (literatuurstudie en opdrachten).

Wijze van toetsing
De cursist moet een voldoende behalen op de literatuurtoets (open vragen) in de tweede bijeenkomst en de cursist moet kunnen aantonen de huiswerkopdrachten te hebben gemaakt.

Na de eerste vier bijeenkomsten heeft de cursist voldaan aan de eisen van de eindopdracht van de basiscursus. Deze opdracht is een uitgeschreven casusverslag van een cliënt waarin zijn opgenomen: de achtergrondgegevens van de patiënt, DSM-IV classificatie, beschrijving van de problematiek, belangrijkste schema’s en modi en de ontstaansgeschiedenis daarvan, een casusconceptualisatie (schemamodel en modimodel), een analyse van de interactie van de schema’s van de therapeut en de patiënt (bijvoorbeeld uitgewerkt in een functieanalyse), doelen en een behandelplan. De casusconceptualisatie (schemamodel en modimodel) wordt tevens grafisch weergegeven. De cursist maakt daarbij gebruik van in de cursus aangereikte formats. Deze eindopdracht moet door de docent als minimaal voldoende, een 6, zijn beoordeeld.

De cursus wordt afgerond met een praktijktoets die bestaat uit een demonstratie door de cursist van een schematherapeutische techniek middels een rollenspel of een meegebrachte video-opname. De demonstratie duurt maximaal 20 minuten, er wordt 10 minuten feedback gegeven door docent en medecursisten. Bij feedback op en beoordeling van de techniek wordt de Schema Therapy Rating Scale gebruikt (zie website Register Schematherapie). De demonstratie van de techniek moet door de docent(en) als minimaal voldoende, een 6, zijn beoordeeld. Indien deze onvoldoende is, krijgt de cursist één herkansing. 



DagDatumTijden
112 januari 20229:30 - 16:45
226 januari 20229:30 - 16:45
3 9 februari 20229:30 - 16:45
423 februari 20229:30 - 16:45
523 maart 20229:30 - 16:45
6 6 april 20229:30 - 16:45
720 april 20229:30 - 16:45
811 mei 20229:30 - 16:45

VGCt

geldig van 2 okt 2020—22 apr 2022
Vervolgcursus50Toegekend

Vereniging voor Schematherapie

geldig van 2 okt 2020— 1 okt 2023
Basiscursus schematherapie25Toegekend
Vervolgcursus schematherapie25Toegekend

Tot de cursus kunnen worden toegelaten cursisten die beschikken over een voltooide academische masteropleiding (voorheen doctoraal) en voldoen aan één van de volgende kwalificaties:

a. BIG-registratie als gz-psycholoog, psychotherapeut, klinisch psycholoog of psychiater, dan wel in opleiding zijnde daartoe;
b. Gewoon lidmaatschap van een specialistische psychotherapievereniging, dan wel in opleiding zijnde daartoe. Specialistische psychotherapieverenigingen zijn: VGCt, VEN, NVRG, NVPP, NVGP, NPaV, VKJP en VPeP.
c. Orthopedagoog-generalist of kinder- en jeugdpsycholoog NIP/SKJ, dan wel in opleiding zijnde daartoe;
d. Gewoon lidmaatschap van een Vlaamse psychotherapievereniging waarvan het gewoon lidmaatschap automatisch recht geeft op het gewoon lidmaatschap van een specialistische psychotherapievereniging, dan wel in opleiding zijnde daarvoor;
e. Registratie als vaktherapeut in het Register Vaktherapeutische Beroepen.

Per cursusgroep mag een beperkt aantal overige hbo’ers en masterpsychologen (niet in opleiding tot gz-psycholoog of psychotherapeut) deelnemen. Voorwaarden daarvoor zijn dat:
a. zij in hun werksituatie samenwerken met BIG-geregistreerde schematherapeuten, die als senior of supervisor zijn ingeschreven in het Register schematherapeut
b. supervisie en intervisie georganiseerd zijn;
c. zij wat betreft klinische vaardigheden een niveau hebben in het werken met persoonlijkheidsstoornissen en ernstige As I stoornissen, dat voldoende is om de cursus met succes te kunnen volgen.

De hoofddocent beoordeelt vóór de cursus of de hbo’er of masterpsycholoog voldoet aan deze voorwaarden.

Niels van de Ven

Niels van de Ven

Niels is werkzaam als psychotherapeut, GZ-psycholoog, supervisor schematherapie en supervisor en leertherapeut VGCt. Als psychotherapeut heeft hij jarenlang gewerkt bij Scelta, expertisecentrum voor persoonlijkheidsproblematiek. Hij is opgeleid in schematherapie en dialectische gedragstherapie en heeft veel ervaring met schematherapeutische groepsbehandelingen en individuele behandelingen bij mensen met cluster B en C problematiek. Hij heeft zowel ruime ervaring in het werken in een deeltijdsetting als vanuit een ambulant kader. Niels werkt momenteel vanuit zijn eigen praktijk.

Verplicht zelf aan te schaffen

Arntz, A. & Jacob, G. (2012), Schematherapie. Een praktische handleiding. Amsterdam: Nieuwezijds, ISBN 9789057123542. 

Young, J. E., Klosko J.S., & Weishaar, M.E. (2005). Schemagerichte therapie. Handboek voor therapeuten. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum. ISBN 9789031343355

Claassen, A.M. & Pol, S. (red.) (2015). Schematherapie en de Gezonde VolwassenePositieve technieken uit de praktijk. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum. ISBN 9789036809504

Reubsaet, R.J. (2018). Schematherapie: werken met fases in de klinische praktijk. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, ISBN 9789036821148

Over deze boeken moet je zelf de beschikking hebben. 

Aanbevolen werkboeken en literatuur voor cliënten:

Genderen, H., Jacob, G. & Seebauer (2012) Patronen doorbreken. Negatieve gevoelens en gewoonten herkennen en veranderen. Amsterdam: Uitgeverij Nieuwezijds.

Muste, E., Weertman, A. & Claassen, A.M. (2009). Werkboek Klinische Schematherapie. Houten: Bohn Stafleu van Loghum.

Fassbinder, E., Schweiger, U. & Jacob (2018). Therapieboek Schematherapie. Nieuwezijds Uitgeverij, Amsterdam.

Overige artikelen zijn online beschikbaar.


Naar boven